De term narcist
Psychologen of psychiaters kunnen de diagnose "persoon met een narcistische persoonlijkheidsstoornis" stellen. En het zou netjes zijn om alleen dan deze persoon "een persoon een met narcistische persoonlijkheidsstoornis" te noemen. Het zou ook netjes zijn om niet zomaar iedereen een narcist te noemen. Ik ben het daar mee eens.
Echter, ikzelf gebruik de term narcist zonder dat iemand gediagnosticeerd is.
Ik ga namelijk niet zitten wachten tot de mensen die ik als narcist zie, naar een psycholoog gaan omdat ze denken dat er iets mis is met hen. Want narcisten vinden zichzelf all-good en hebben dus geen diagnose nodig en geen hulp. En áls ze om wat voor reden dan ook wel bij een psycholoog terechtkomen, dan zullen ze niet snel of helemaal niet praten over hun narcistische denken of gedrag.
Omdat ik niet ga zitten wachten totdat er een diagnose "persoon met narcistische persoonlijkheidsstoornis" is gesteld, bepaal ik intussen zelf wie ik wel en wie ik niet een narcist noem. En ik doe dat als volgt:
Wie ik niet zomaar een narcist noem:
- Mensen van wie ik het gedrag niet leuk vind of ongepast of vreselijk of schadelijk.
- Mensen die gewoon veel aandacht nodig hebben.
Wie noem ik dan wel een narcist? Als ik onderstaand gedrag waarneem bij een persoon, dan noem ik deze persoon een narcist. Bij mij gaat het om het patroon, het onveranderlijke patroon en de hoeveelheid (veel!!) kenmerken.
- Hij/zij is all-good.
- Hij/zij is geobsedeerd door hiërarchie.
- Hij/zij is dé autoriteit; hij/zij staat bovenaan.
- Hij/zij is de belangrijkste persoon in de ruimte en hij/zij wil dat iedereen dat weet.
- Hij/zij en de trofeeën zijn de belangrijkste personen in de ruimte en hij/zij wil dat iedereen dat weet.
- Hij/zij wil bekendstaan om bepaalde aspecten van hem/haar en vestigt daar graag de aandacht op.
- Hij/zij wil niet bekendstaan om zijn/haar minder fraaie kenmerken en wil daar geen aandacht op gevestigd hebben.
- Hij/zij wil aandacht.
- Hij/zij vindt het moeilijk als de aandacht naar iets of iemand anders uitgaat en hij/zij geen aandacht krijgt.
- Hij/zij vindt het moeilijk als de aandacht naar iets of iemand anders uitgaat en zijn/haar trofeeën geen aandacht krijgen.
- Hij/zij vertoont geen empathisch gedrag in situaties waar het hem/haar geen voeding oplevert.
- Hij/zij vertoont wel empathisch gedrag wanneer hij/zij niet wil dat men ontdekt dat hij/zij geen empathie heeft (cognitieve empathie).
- Hij/zij vertoont wel empathisch gedrag wanneer de situatie dit vereist (cognitieve empathie).
- Hij/zij vertoont wel empathisch gedrag wanneer hij/zij narcistische voeding veilig wil stellen of verkrijgen (cognitieve empathie).
- Hij/zij houdt dingen voor zijn/haar partner verborgen.
- Hij/zij deelt zaken met zijn/haar vertrouweling; zaken die de partner van de narcist niet mag weten.
- Hij/zij zorgt ervoor dat niemand het volledige plaatje van hem/haar heeft.
- Hij/zij wil controle over informatie die circuleert over hem/haarzelf.
- Hij/zij denkt in uitersten (vriend of vijand, hoog of laag, goed of fout), all-good of all-bad. Er zit niets tussenin, er is geen grijs.
- Hij/zij wil controle over andermans denken en gedrag.
- Hij/zij is bang voor en/of heeft een hekel aan mensen waar hij/zij geen controle over kan krijgen.
- Hij/zij doet niet aan zelfreflectie, want schaamte of schuldgevoel moeten koste wat het kost worden vermeden.
- Hij/zij verdraagt geen "nee".
- Hij/zij verdraagt geen kritiek over zijn/haar gedrag.
- Hij/zij voert geen eerlijk gesprek.
- Hij/zij liegt over van alles en nog wat.
- Hij/zij doet bij confrontatie over het gedrag alsof hij/zij geen idee heeft wat je bedoelt of waar je het over hebt.
- Hij/zij rent weg bij confrontatie over zijn/haar gedragen en je ziet hem/haar nooit meer terug.
- Hij/zij geeft graag en vaak stiltebehandelingen. Hij/zij is er goed in.
- Hij/zij draait de rollen om (hij/zij doet alsof hij/zij het slachtoffer is en doet alsof de zondebok de dader is).
- Hij/zij beschuldigt de ander van wat hij/zij zelf doet en verklapt hierdoor veel over zichzelf (legt bekentenissen af zonder dit door te hebben).
- Hij/zij heeft wil een kring van vrienden hebben, vrienden met nut die narcistische voeding leveren.
- Hij/zij investeert in de kring van vrienden (de narcist biedt aandacht, verzorging, lof, complimentjes, sprookjesgedrag, redding, uniformiteit, bescherming, luxe, levensstijl, etc.) om narcistische voeding te waarborgen.
- De vrienden accepteren de voeding van hem/haar (aandacht, charme, vleierij, complimentjes, intimiteit, met zorg uitgezochte cadeautjes, op een voetstuk geplaatst worden, op handen gedragen worden, openlijk bewonderd worden).
- De vrienden leveren narcistische voeding aan de narcist (de narcist als autoriteit behandelen, de narcist aandacht geven, loyaal zijn aan de narcist, volgzaam zijn, onderdanig zijn aan de narcist, de narcist rugdekking geven, geen nee zeggen tegen de narcist, geen kritiek leveren aan de narcist, geen weerstand bieden aan de narcist, het opnemen voor de narcist, narcist keer op keer vergeven voor zijn gedrag en daarmee toestemming geven voor doorgaan met gedrag, etc.).
- De vrienden accepteren hun verliezen (onderdanig moeten zijn, narcist moeten zien als de expert, loyaal moeten zijn no matter what, gehoorzaam moeten zijn, de narcist niet tegen mogen spreken, niet zelfstandig mogen denken, niet zelfstandig conclusies mogen trekken, niet zelfstandig beslissingen mogen nemen, zodat de voeding van de narcist aan de vrienden gewaarborgd blijft).
- Hij/zij houdt een aantal vrienden blind voor een aantal of alle van zijn/haar minder mooie kanten.
- Hij/zij roddelt over iedereen die er niet bij is, maar doet hartelijk wanneer hij/zij diegene ziet.
- Hij/zij ziet de zondebok als all-bad.
- Hij/zij heeft altijd een vaste zondebok; hij/zij heeft soms meerdere zondebokken.
- Hij/zij richt zich op een nieuwe zondebok, wanneer de oude zondebok niet langer beschikbaar is.
- Hij/zij is actiefschadelijk richting zondebok, waaruit blijkt dat hij/zij niet in contact staat met zijn/haar menselijkheid.
- Hij/zij is passief schadelijk richting zondebok, wanneer activiteit logisch lijkt. Hij/zij blijkt niet in contact te staan met zijn/haar menselijkheid.
- Hij/zij wil controle over informatie die circuleert over de zondebok.
- Hij/zij hanteert andere fatsoensnormen, andere gedragsnormen, dan de zondebok hanteert.
- Hij/zij hanteert andere fatsoensnormen, gedragsnormen dan een groot gedeelte van de maatschappij hanteert.
- Hij/zij doet aan smaadcampagne over de zondebok, bestaande uit verdraaiingen, halve waarheden en/of leugens.
- Hij/zij veroorzaakt altijd schade.
- Hij/zij heeft geen rem (want hij/zij doet niet aan zelfreflectie).
- Hij/zij verandert niet.
- Hij/zij zal nooit toegeven dat hij/zij fout zat.
- Hij/zij biedt nooit excuses aan, soms wel wat cognitief excuus-achtig-gewauwel.
- Hij/zij is laf.
- Hij/zij is een kleuter in een volwassen lichaam in een volwassen leven.